Registratie

Rasbeschrijving, algemeen

De Welsh pony vindt zijn oorsprong in de bergen van Wales, het gebied in het west van Groot-Brittannië. De Welsh pony staat van oudsher bekend als de edelste van de ponyrassen die Nederland kent. Dit komt door de invloed van o.a. oosterse paardenrassen op de zuivere Mountain pony, die van nature sterk, behendig, gehard, intelligent en sober is. De inmenging van de oosterse paardenrassen gaven de pony, die aangepast was om te overleven in de heuvels, een edeler uiterlijk en lichtvoetiger gangwerk. De Welsh pony kent verschillende secties die variëren in type en formaat. Hierdoor is de pony bij uitstek geschikt voor groot en klein.

De verschillende secties zijn:

  • Sectie A, Welsh Mountain pony: met een hoogte tot 121,9 cm
  • Sectie B, Welsh pony: met een hoogte tot 137,2 cm
  • Sectie C, Welsh pony Cob-type: met een hoogte tot 137,2 cm
  • Sectie D, Welsh Cob: bij voorkeur groter dan 137,2 cm
  • Sectie X: voor dieren die 100% Welsh zijn gefokt maar niet aan de eisen voldoen
  • Welsh Partbred Register: pony's met minimaal 12,5% Welsh bloed.

De verschillende sectie bieden een compleet scala aan mogelijkheden voor de liefhebber en de gebruiker. Voor de kleine kinderen is de Welsh Mountain Pony (sectie A) een lieve kinderpony, voor de oudere kinderen is er de Welsh pony (sectie B)  en voor de grotere kinderen is er de sectie C en D en de Welsh Partbreds.Behalve dat de Welsh pony zeer geschikt is om kinderen te laten kennismaken met het rijden, zijn ze vanwege het wekwillige karakter en uithoudingsvermogen zeer geliefd als men- of tuigpony. Menigeen heeft gemerkt dat de Welsh in wedstrijdverband een geducht tegenstander kan zijn, mede door zijn zeer edel uiterlijk, de bovengenoemde eigenschappen en voortreffelijke bewegingen.Naast de kleinere pony's als rijpony kan een Welsh Cob volwassenen vele uren rijplezier geven zowel onder het zadel als in het tuig, waarbij voorop staat dat een Welsh pony je nooit in de steel laat mits de pony liefdevol en met respect behandeld wordt. Naast zijn geschiktheid voor jong en oud heeft de pony de soberheid van zijn voorouders uit de heuvels geërfd waardoor de pony weinig eisen stelt aan onderhoud en in een vrij schrale omgeving toch in conditie te houden is. In ons klimaat met de vaak rijk van gras voorziene weilanden, is het dan ook van belang te waken voor over-conditie van de pony teneinde vele jaren van zijn gezelschap te kunnen genieten.

Sectie A, Welsh Mountain pony

Toen het stamboek in 1902 in Wales werd opgericht was de sectie A in tweeën opgesplitst. 1) Onder de 121,9 cm waarbij korte manen en een gecoupeerde staart verboden was. 2) Onder de 127,0 cm waarbij korte manen en een gecoupeerde staart mochten.

De pony's uit de eerste groep zijn natuurlijk de echte Mountain pony's, de pony's uit de tweede groep zijn meer gedrongen en waren meestal kolenmijnpony's. In 1909 wilde men de pony's die ingeschreven waren in de tweede groep afschaffen. Dat werd met ruime meerderheid verworpen wat makkelijk te verklaren is omdat veel eigenaren een pony bezaten die hoger was dan 121,9 cm en die zouden dan worden uitgesloten bij het stamboek. Tot 1931 bleef deze situatie zo, totdat de maximum hoogte van 121,9 cm werd vastgesteld. Bij de Welsh Mountain pony is elke kleur toegestaan behalve bont. Door de invloed van een aantal Arabieren die rond de 19e eeuwwisseling werden gebruikt, werd de schimmelkleur geïntroduceerd. De Welsh Mountain pony is erg vriendelijk tegen mensen maar hij is ook intelligent, heeft een groot weerstandsvermogen en is erg beweeglijk. Het feit dat Welsh pony's al eeuwen in grote getale gefokt werden is bewijs genoeg dat er veel vraag naar was. Het temperament, de gemakkelijke omgang en de lage onderhoudskosten zorgen daarvoor.

Maesgwyn Highball winning the Royal Welsh

Sectie B, Welsh pony

Dit is de nieuwste sectie van het Welsh stamboek en omdat de sectie minder lang bestaat is er nog veel variatie in type. De definitie van sectie B is hetzelfde als die van de sectie A, met het verschil dat de sectie B echt een rijpony moet zijn met kwaliteit, rijtypische beweging, voldoende bot en massa, een stevige bouw en ponyuitstraling. Op de vooroorlogse Royal Welsh waren er nog 3 secties: A, C en D. Tot 1960 was het totaal aantal inschrijvingen in de sectie B niet groter dan 20 pony's. Op de Fayre Oaks verkoop was in die tijd weinig aanbod van sectie B's, hetgeen tot gevolg had dat de prijzen omhoog schoten. Deze grote vraag was de oorzaak dat sommige fokkers de makkelijkste weg kozen om zo snel mogelijk Welsh B pony's te fokken en dat kwam de kwaliteit niet ten goede. Gelukkig waren er genoeg fokkers die probeerden aan de maatstaf van de rasbeschrijving te voldoen en zij zorgden voor pony's met kwaliteit. En hoewel de volbloed won op de "Riding Pony of the Year Show" in Wembley, overtreffen de Welsh B pony's meestal de halfbloeden, Ze staan werkelijk hun mannetje in de hunter- en springrubrieken. Ze springen net zo goed als iedere andere pony en hebben de botten en de massa om de hele dag door te gaan. Tel daarbij het vriendelijk karakter en je begrijpt waarom er zoveel liefhebbers van de Welsh sectie B zijn.

Stougjeshoeve Especiale

Sectie C, Welsh pony Cob type en sectie D, Welsh Cob

De officiële beschrijving van de Welsh sectie C is gelijk aan die voor de Welsh sectie D. Het enige verschil is de hoogte. Sectie C pony's mogen niet groter zij dan 137,2 cm. Omdat de beschrijving precies hetzelfde is kunnen er pony's overgeschreven worden van C naar D en andersom. De sectie D kent geen hoogte limiet maar is bij voorkeur groter dan 137,2 cm. De meeste Welsh Cobs zijn rond de 1,47 cm maar er zijn er ook van 160 cm. Net als bij de secties A en B zijn alle kleuren toegestaan behalve (platen)bont, wat opvalt is dat de kleur grijs maar zelden voor komt. Er zijn in het verleden wel een paar grijze Welsh Cobs geweest, bv. Pant Grey Star, kampioen op de Royal Welsh show in 1928. Zijn vader was Penal Satisfaction, ook grijs en geboren in 1916. Als je nu in het stamboek kijkt tref je daar maar weinig grijzen aan. Bij de sectie C zin wel veel grijze pony's te vinden. Dat is makkelijk te verklaren door het feit dat ze vaak uit grijze sectie A pony's werden gefokt. Daarbij zijn er veel minder inschrijvingen, van de 500 pony's zijn er misschien 20 grijs. De meest bekende lijnen hebben veel witte kenmerken, vaak op het randje van wat mooi is. De fokkers letten dus altijd extra op. Veel wit aan zowel moeders- als vaderszijde is geen aanbeveling voor een nakomeling. De uiterlijke kenmerken zijn hetzelfde als bij de sectie A, met het verschil in massa natuurlijk. De sectie C is even groot in hoogte als de sectie B maar de sectie C is veel massiever en heeft meer behang aan de benen. De manen en staart zij vaak ook voller. Net als bij de sectie A en B pony's zijn er verschillen in de pony's. Sommige houden van het ouderwetse stevige type, anderen hebben de voorkeur tot de wat slankere, chiquere rijpony's. Er zijn juryleden die in de sectie C de nadruk leggen op het pony karakter, maar er zijn er ook waar de voorkeur uitgaat naar een Cob met 'korte' benen. De sectie C en D pony's staan als eeuwen bekend om de uniek beweging bij de draf. De knieën horen gebogen te worden en vanuit de schouder voorwaarts te grijpen. Hoewel sommige rassen rechtstreeks van de stap naar de galop gaan is de draf het meest ontwikkeld. De secties C en D munten werkelijk uit in de draf en zij winnen met gemak de 'stap, draf en galop' races met andere rassen doordat zij in de draf al veel terrein winnen. 60 Dravende Welsh Cobs zijn de grootste attractie tijdens de Royal Welsh show. Duizenden mensen zitten dan op de tribune om hun favoriete Welsh Cob aan te moedigen. De waarde van de sectie C en D pony's als rijpony begint te stijgen. Dat valt ook de rijexperts op buiten het Welsh stamboek. Vanaf 1949 werd couperen van staarten illegaal, tot die tijd werden bijna alle Welsh Cobs gecoupeerd. De reden die ze ervoor gaven was dat jet gevarlijk was als ze de staart over de teugels sloegen. In die tijd werden ook veel oren van merries gecoupeerd, een barbaarse handeling zonder enig nut. In die tijd waren veel mensen het oneens met het verbod op couperen.

Asgrove Abigail                      Geler Park

Welsh Partbred

De Welsh Partbred is eigenlijk hetzelfde als de Part Bred in Groot Brittanie. Een rijpony met een duidelijke Welsh uitstraling. In het WPBR zijn alle kruisingen met alle Welsh pony's toegestaan. Het moederstamboek kent geen rasbeschrijving voor de WPBR. De maat kan variëren van 120 cm tot 175 cm. Bij een WPBR wordt sterk gelet op de gebruikseigenschappen. Sommige fokkers leggen zich toe op het fokken van springpony's en anderen fokken dressuur- of militarypony's. De beweging is bij een rijpony van groot belang, maar de Welsh eigenschappen en Welsh uitstraling moeten wel bewaard blijven en daarom moet hij tenminste 12,5 % volgeregistreerd Welsh bloed in zijn aderen voeren.

   Wolthoeves Bart

Rasbeschrijving van het moederstamboek, voor de rasfokker leidend.

Rasbeschrijving, vertaald in het Nederands.

 

Stalnamen: overzicht van de geregistreerde stalnamen bij de WPCV en het CPR (Central Prefix Register). Wilt u een stalnaam aanvragen, neem dan contact op met het registratiebureau. Voor leden is er de mogelijkheid om een stalnaam te gebruiken bij de registratie van een veulen. De stalnaam wordt geplaatst voor de naam van het veulen. Een stalnaam wordt geregistreerd bij de WPCV en bij het CPR, registratie kan alleen als deze uniek is voor het Welsh-ras. U kunt er voor kiezen om uw stalnaam te laten registreren alleen voor gebruik binnen de WPCV of ook voor gebruik binnen andere Welsh stamboeken. Stalnamenlijst v.06-2018.

 

 

Deklicenties: overzicht van de door de WPCV uitgegeven deklicenties.

 


Formulieren
  • Tarieven: overzicht van de door de WPCV gehanteerde tarieven.

Op advies van de registratiecommissie, is in de bestuursvergadering van 28 februari 2015 besloten een extra tarief in te voeren voor dieren waarvan de afstamming moet worden gecontroleerd en waarbij in de afstamming allerlei bijzondere omstandigheden worden vastgesteld.

Onder normale omstandigheden wordt een controle van een afstamming gratis uitgevoerd, omdat die gewoonlijk niet veel tijd kost. Echter bij afstammingen met bijzondere omstandigheden kost dat extra tijd als bv. Engelse voorouder zijn "omgekat" (d.i. naam/registratienummer is gewijzigd zonder dat in de administratie de oorspronkelijke gegevens zijn vastgelegd). In die gevallen moet het worden nagezocht in archieven in binnen- en buitenland en worden veel telefonische kosten gemaakt voor overleg met stamboeken.

Concreet heeft zich dat afgespeeld bij een pony met een Duits paspoort, gelukkig is alles op zijn pootjes terecht gekomen, maar niet nadat veel extra kosten zijn gemaakt. Daarom heeft het bestuur besloten in dergelijke gevallen de controle van de afstamming niet meer gratis uit te voeren. Als door de registratie wordt ingeschat dat de afstammingscontrole extra tijd kost, wordt per aangeboden dier een voorschot in rekening gebracht van max. 200 euro voordat de controle start. Indien het dier geregistreerd kan worden, moeten de normale tarieven nog worden betaald.

  • Aftekeningen: overzicht van de gangbare aftekeningen en de daarbij gebruikte benamingen, in het Nederlands en Engels